baby

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
A baby.
Een baby.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·by
Woordherkomst en -opbouw
  • Ontleend aan het Engelse baby.
enkelvoud meervoud
naamwoord baby baby's
verkleinwoord baby'tje baby'tjes

Zelfstandig naamwoord

baby m

  1. een mens in de eerste fase van zijn leven
    • Een kind jonger dan één jaar noemen we een baby. 
  2. een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene, baby-
    • De satelliet had een babyfoto gemaakt van het heelal. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Engels

Naar frequentie 883
Uitspraak
Woordafbreking
  • ba·by
Woordherkomst en -opbouw
  • Als troetelvorm afgeleid van het Middelengelse babe met het achtervoegsel -y.
enkelvoud meervoud
baby babies

Zelfstandig naamwoord

baby

  1. baby, zuigeling
  2. een klein voorwerp, klein zoals een baby in relatie toe een volwassene
Afgeleide begrippen