taal
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- taal
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | taal | talen |
| verkleinwoord | taaltje | taaltjes |
Zelfstandig naamwoord
- een systeem van spraakklanken door middel waarvan mensen met elkaar communiceren en de schriftelijke vastlegging hiervan.
- Meneer, welke taal spreekt men in dat land?
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. een systeem van spraakklanken door middel waarvan mensen met elkaar communiceren en de schriftelijke vastlegging hiervan
Afrikaans
| enkelvoud | meervoud |
|---|---|
| taal | tale |
Zelfstandig naamwoord
taal
Fries
Zelfstandig naamwoord
taal