Franstalig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • Frans·ta·lig
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen Franstalig
verbogen Franstalige

Bijvoeglijk naamwoord

Franstalig

  1. de Franse taal sprekend
    De Franstalige man kon de Engelsman niet verstaan.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen