taalgemeenschap

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Woordafbreking
  • taal·ge·meen·schap
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord taalgemeenschap taalgemeenschappen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

taalgemeenschap v

  1. een grote samenlevende groep die dezelfde taal gebruikt
Vertalingen


Meer informatie