tienduizend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Telwoord (nl)
0 1 2 3 4 5 6 7 8 9
10 11 12 13 14 15 16 17 18 19
20 21 22 23 24 25 26 27 28 29
30 31 32 33 34 35 36 37 38 39
40 41 42 43 44 45 46 47 48 49
50 51 52 53 54 55 56 57 58 59
60 61 62 63 64 65 66 67 68 69
70 71 72 73 74 75 76 77 78 79
80 81 82 83 84 85 86 87 88 89
90 91 92 93 94 95 96 97 98 99
100 200 300 400 500 600 700 800 900 1000
106 109 1012 1015 1018 1021 1024 1027 1030 1033
1036 1039 1042 1045 1048 1051 1054 1057 1060 1063
10100 10303
Uitspraak
Woordafbreking
  • tien·dui·zend
Woordherkomst en -opbouw

Hoofdtelwoord

tienduizend

  1. 10 x 1000, de vierde macht van tien, in Arabische cijfers 10000
Afgeleide begrippen
enkelvoud meervoud
naamwoord tienduizend tienduizenden
verkleinwoord tienduizendje tienduizendjes

Zelfstandig naamwoord

tienduizend o

  1. het getal 10000
    • In het wild leven er van deze vogel nog maar enkele tienduizenden. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.