Naar inhoud springen

vierhonderd

Uit WikiWoordenboek
0400
vierhonderd,
op een abacus


Telwoord (nl)
0123456789
10111213141516171819
20212223242526272829
30313233343536373839
40414243444546474849
50515253545556575859
60616263646566676869
70717273747576777879
80818283848586878889
90919293949596979899
1002003004005006007008009001000
10610910121015101810211024102710301033
1036103910421045104810511054105710601063
10661069107210751099101001012010303103003
  • vier·hon·derd

ˈvierhonderd'

  1. "400", het getal tussen driehonderdnegenennegentig en vierhonderdeen, vier maal honderd
    1. om een hoeveelheid aan te geven
      • De totale kosten bedragen vierhonderd euro en zevenendertig cent. 
       Op de plaats waar Hamlet, Othello en Macbeth bijna vierhonderd jaar geleden in première gingen, worden thans Shakespeares stukken weer voor een uitverkocht theater opgevoerd.[1]
       Waarom zou je je beperken tot een baan van vierhonderd kilometer boven de aarde als je er vierhonderdduizend kilometer boven zou kunnen zijn? En dat is nog maar het begin.[2]
    2. om een plaats in een volgorde aan te geven
      • We logeerden vlakbij het strand in kamer vierhonderd van het grootste hotel. 

rangtelwoord

hoofdtelwoorden samengesteld met "vierhonderd" ht als linkerdeel
enkelvoud meervoud
naamwoord vierhonderd vierhonderds
verkleinwoord vierhonderdje vierhonderdjes

devierhonderdv/m

  1. dat wat in een (rang)ordening met 400 is aangeduid
    • Als jij vierhonderd opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner. 

devierhonderdmv

  1. groep van 400 eenheden
    • Die vierhonderd kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden. 
  1. Hans Achterhuis
    “De erfenis van de utopie” (1998), Ambo/Anthos uitgevers op Wikipedia, ISBN 9026315244
  2. Samantha Harvey
    “In Orbit” (2024), De Bezige Bij op Wikipedia, ISBN 9789403135625
Telwoord (afr)
0
1 11 10 100 103
2 12 20 200 106
3 13 30 300 109
4 14 40 400
5 15 50 500
6 16 60 600
7 17 70 700
8 18 80 800
9 19 90 900

vierhonderd

  1. vierhonderd