beroep
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | beroep | beroepen |
| verkleinwoord | beroepje | beroepjes |
Zelfstandig naamwoord
beroep
- datgene wat iemand doet om de kost te verdienen
- Hij is bakker van beroep.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
- Duits: Beruf
- Engels: job, occupation
- Frans: profession
- Pools: zawód m
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.

