helpen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

naamwoord van handeling
zelfstandig bijvoeglijk
helpen helpend
hulp geholpen
Uitspraak
Woordafbreking
  • hel·pen
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: helpen
Oudnederlands: helpan
Germaans: *helpanan
  • Verwant in Germaans:
West: Engels: help (Angelsaksisch: helpan), Duits: helfen, (Oudhoogduits: helfan), Fries: helpe (Oudfries: helpa)
Noord: Zweeds: hjälpa, Deens: hjælpe, Noors: hjelpe, (Oudnoors: hjalpa), IJslands/Faeröers: hjálpa
Oost: Gotisch: hilpan
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
helpen
/ˈɦɛlpə(n)/
hielp
/ɦilp/
geholpen
/ɣə'ɦɔlpə(n)/
klasse 3 volledig

Werkwoord

helpen

  1. (overgankelijk) iemand bijstaan
    Wordt u al geholpen?
Afgeleide begrippen
Vertalingen


Middelnederlands

stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden tijd voltooid
deelwoord
enkelvoud meervoud
helpen halp holpen geholpen
klasse 3 volledig  


Werkwoord

helpen

  1. helpen