glad

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • glad
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen glad gladder gladst
verbogen gladde gladdere gladste
partitief glads gladders -

Bijvoeglijk naamwoord

glad

  1. egaal, met geringe ruwheid, slipperig
    • Het oppervlak werd door slijpen glad gemaakt. 
    • De ijzel maakte de wegen glad. 
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
iemand waarop je geen vat krijgt
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.


Engels

Uitspraak
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudengelse glæd.
stellend vergrotend overtreffend
glad gladder gladdest

Bijvoeglijk naamwoord

glad

  1. blij