smooth

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • smooth
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

smooth

  1. soepel, schijnbaar moeiteloos
     Tegelijk ben ik nog op zoek naar mijn vorm. Ik sta op een dansvloer en beweeg, maar mijn dansjes zijn nog niet heel smooth.[1]
     De horrorverhalen over afwijzing en prestatiedruk joegen mij angst aan. Uiteindelijk is het heel smooth gegaan.[2]
     2Unlimited, dat was mijn New Wave. Ray, de stoere rapper (‘Y’all ready for this?’) was natuurlijk Lil’ Kleine. En Ronnie Flex (sorry Ronnie), de smooth zingende mooiboy, dat was Anita Doth.[3]
Synoniemen

Werkwoord

vervoeging van
smoothen

smooth

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van smoothen
    • Ik smooth. 
  2. gebiedende wijs van smoothen
    • Smooth! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van smoothen
    • Smooth je? 

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
78 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 30 april 2020 Weblink bron Saul van Stapele “Willem: ‘Wanneer ik schrijf, voel ik het in mijn hart’” (6 februari 2019) op nrc.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 30 april 2020 Weblink bron Francine van der Wiel “Timothy van Poucke & Guido Dutilh: Ik denk wow als ik je zie” (28 december 2018) op nrc.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 30 april 2020 Weblink bron Rolinde Hoorntje “Een kwestie van bereik” (22 januari 2016) op nrc.nl
  4. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be


Engels

Uitspraak
stellend vergrotend overtreffend
smooth smoother smoothest

Bijvoeglijk naamwoord

smooth

  1. glad, effen