blij

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
blij

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • blij
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen blij blijer blijst
verbogen blije blijere blijste
partitief blijs blijers -

Bijvoeglijk naamwoord

blij

  1. vrolijk van stemming
    Er waren veel blije mensen te zien bij de inauguratie van president Obama.
    Zij was heel blij toen zij de goede uitslag van haar examen hoorde.
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Gangbaarheid
99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie