expert

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ex·pert
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘deskundige’ voor het eerst aangetroffen in 1829 [1]
  • als bijvoeglijk naamwoord afgeleid uit het Frans; uit het Latijn expertus [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord expert experten
experts
verkleinwoord expertje expertjes

Zelfstandig naamwoord

expert m

  1. iemand die bijzonder goed bekend is met een bepaald onderwerp
    • Hij is een echte expert op dit gebied. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
expert experts

Zelfstandig naamwoord

expert

  1. expert