bezprostřední
Uiterlijk
- bez·pro·střed·ní
- Afgeleid van het bijvoeglijk naamwoord prostřední met het voorvoegsel bez-.
bezprostřední
- direct, op handen zijnd, onmiddellijk, dichtbij, nauw
- oprecht, open, eerlijk
- onbemiddeld, direct, niet-afgeleid
| stellend | bezprostřední |
|---|---|
| vergrotend | bezprostřednější |
| overtreffend | nejbezprostřednější |