direct

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • di·rect
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen direct directer directst
verbogen directe directere directste
partitief directs directers -

Bijvoeglijk naamwoord

direct

  1. zonder te wachten, zonder iets daartussen
    • Bij hadden een directe verbinding met de trein en hoefden dus niet over te stappen.</ref> 
  2. eerlijk, zonder smoesjes, maar soms ook een beetje brutaal
    • Hij gaf hem een eerlijk en direct antwoord. 
Synoniemen
Vertalingen

Bijwoord

direct

  1. zonder te wachten, zonder omweg
    • Toen de dief haar tasje probeerde te stelen gaf de oude vrouw hem direct een klap met haar stok. 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie