voet
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Lettergrepen
- voet
Zelfstandig naamwoord
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | voet | voeten |
| verkleinwoord | voetje | voetjes |
voet m
- voortzetting van het been beneden de enkel; lichaamsdeel waar een mens, dier of alien op staat.
- de bodem van iets, specifiek iets dat ter ondersteuning dient
- oude lengtemaat. De exacte lengte is streek afhankelijk, bijvoorbeeld de Engelse voet is 0.3048 meter, de Amsterdamse voet was 0.283 meter.
- afdruk van een voet
- basis op grond waarvan iets berekend, bepaald wordt (ruilvoet)
Spreekwoorden
- Geen voet buiten de deur zetten.
- Niet uitgaan
- Ik zet daar geen voet meer in huis.
- Ik wil hen niet meer bezoeken
- Op de oude voet verder gaan.
- Op dezelfde manier als voorheen doorgaan met een bepaalde activiteit.
- Op goede voet staan met iemand.
- Vriendschappelijk of vertrouwelijk met iemand om kunnen gaan.
Vertalingen
- Sjabloon:Koptisch: ⲣⲁⲧⲷ (Koptisch), ⲟⲩⲉⲣⲏⲧⲉ (Koptisch)
- Sjabloon:Middelhoogduits: vuoz (Middelhoogduits)
- Sjabloon:Oudegyptisch: B (Oudegyptisch)
- Sjabloon:Oudhoogduits: fuoȥ (Oudhoogduits)
- Sjabloon:Oudkerkslavisch: нога (Oudkerkslavisch) (noga)
- Sjabloon:Oudpruisisch: pe’da’ (Oudpruisisch)
1.
|
|
3.
Verwante begrippen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.

