lichaamsdeel
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- IPA: /ˈlɪxaːmzdeːl/
Woordafbreking
- li·chaams·deel
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | lichaamsdeel | lichaamsdelen |
| verkleinwoord | lichaamsdeeltje | lichaamsdeeltjes |
Zelfstandig naamwoord
lichaamsdeel o
- onderdeel van een lichaam
- Een arm is een voorbeeld van een lichaamsdeel.
Hyponiemen
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.