oppervlakte
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: oppervlakte (hulp, bestand)
- IPA: /ˈɔpərvlɑktə/
Woordafbreking
- op·per·vlak·te
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | oppervlakte | oppervlakten, oppervlaktes |
| verkleinwoord | oppervlaktetje | oppervlaktetjes |
Zelfstandig naamwoord
oppervlakte v
- vlak dat iets naar boven begrenst.
- Vissen met longen moeten aan de oppervlakte van de zee komen om adem te halen.
- uitgebreidheid, grootte in m².
- De oppervlakte van een driehoek bereken je door de basis maal de hoogte te delen door twee.
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.