oppervlakte

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
  • IPA: /ˈɔpərvlɑktə/

Lettergrepen
  • op·per·vlak·te
enkelvoud meervoud
naamwoord oppervlakte oppervlaktes
oppervlakten
verkleinwoord oppervlaktetje oppervlaktetjes

Zelfstandig naamwoord

de oppervlakte v

  1. vlak dat iets naar boven begrenst
    Vissen met longen moeten aan de oppervlakte van de zee komen om adem te halen.
  2. uitgebreidheid, grootte in m²
    De oppervlakte van een driehoek bereken je door de basis maal de hoogte te delen door twee.

Synoniemen
  1. oppervlak

Afgeleide begrippen

Vertalingen

Meer informatie

Aspecten/acties
Persoonlijke instellingen