tante

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • tan·te
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tante tantes
verkleinwoord tantetje tantetjes

Zelfstandig naamwoord

tante v

  1. (familie) zus of schoonzus van iemands vader of moeder
Overerving en ontlening
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Frans

Uitspraak
enkelvoud meervoud
zonder lidwoord met lidwoord zonder lidwoord met lidwoord
  tante     la tante     tantes     les tantes  

Zelfstandig naamwoord

tante v

  1. (familie) tante.


Indonesisch

Woordafbreking
  • tan·te
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

tante

  1. (spreektaal), (familie) tante
  2. mevrouw
Synoniemen
Antoniemen
Verwante begrippen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • tan·te

Zelfstandig naamwoord

tante v/m

  1. (familie) tante.
Synoniemen
Verbuiging
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tante     v: tanta,
m: tanten  
  tanter     tantene  
genitief   tantes     v: tantas,
m: tantens  
  tanters     tantenes  
Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • tan·te

Zelfstandig naamwoord

tante v

  1. (familie) tante.
Verbuiging
v enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tante     tanta     tanter     tantene  
genitief   tantes     tantas     tanters     tantenes  
bijvormen enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   tanta         tantor     tantone  
genitief   tantas         tantors     tantones  
Synoniemen
Afgeleide begrippen