roede

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • roe·de
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord roede roedes
verkleinwoord roedetje roedetjes

Zelfstandig naamwoord

roede v/m

  1. een bundel takken waarmee geslagen kan worden
  2. holle of massieve (metalen) staaf
  3. (eenheid), (verouderd) een lengtemaat die qua afmeting verschilde van plaats tot plaats
  4. (eenheid), (verouderd) een oppervlaktemaat die qua afmeting verschilde van plaats tot plaats
  5. (eenheid), (verouderd) een inhoudsmaat die qua omvang verschilde van plaats tot plaats
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl