plicht

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plicht
Woordherkomst en -opbouw

Afgeleid van het werkwoord plegen met betekenis "instaan voor" [1]

enkelvoud meervoud
naamwoord plicht plichten
verkleinwoord plichtje plichtjes

Zelfstandig naamwoord

plicht v [2]

  1. een taak die men op zich genomen heeft of opgelegd heeft gekregen, iets wat je moet doen
    Het is ieders plicht om voor je naaste te zorgen.
Synoniemen
Antoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • de plicht roept
    • weer moeten gaan werken
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal