taak

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • taak
enkelvoud meervoud
naamwoord taak taken
verkleinwoord taakje taakjes

Zelfstandig naamwoord

taak v/m

  1. een te verrichten werk
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
taken

taak

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van taken
    Ik taak.
  2. gebiedende wijs van taken
    Taak!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van taken
    Taak je?