stellen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: Bestand bestaat nog niet. Aanmaken?
- IPA:
- (Noord-Nederland): /ˈstɛ.lə(n)/
- (Vlaanderen, Brabant): /ˈstɛ.lə(n)/
- (Limburg): /ˈstɛ.lə(n)/
Woordafbreking
- stel·len
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| stellen |
stelde |
gesteld |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
stellen
- (overgankelijk) doen staan
- Hij stelde het mechaniek in werking.
- (inergatief) beweren, verklaren
- In zijn betoog stelde de advocaat dat de verdachte onschuldig was.
- (wederkerend) (scheikunde) de sterkte van een oplossing middels titratie nader bepalen
- De loogoplossing werd op kaliumwaterstofftalaat gesteld.
- (wederkerend) zich ~ zich beschikbaar maken
- Hij stelde zich kandidaat voor het presidentschap.
| naamwoord van handeling | |
|---|---|
| zelfstandig | bijvoeglijk |
| stellen | stellend |
| gestel | gesteld |
| stelling | |
Verwante begrippen
- aanstellen, afstellen, bestellen, instellen, opstellen, verstellen, veronderstellen, gesteld, ongesteld, stelsel, bestel, stelling
Uitdrukkingen en gezegden
- eisen stellen aan iemand
- in staat stellen
- zich beschikbaar stellen
- zich iets ten doel stellen
Vertalingen
2. beweren, verklaren
eisen stellen aan iemand
|
in staat stellen
zich beschikbaar stellen
|
zich iets ten doel stellen
|
Zelfstandig naamwoord
stellen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord stel
Duits
Woordafbreking
- stel·len
Werkwoord
stellen
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Zwak werkwoord (-d) in het Nederlands
- Werkwoord in het Nederlands
- Overgankelijk werkwoord in het Nederlands
- Inergatief werkwoord in het Nederlands
- Wederkerend werkwoord in het Nederlands
- Scheikunde in het Nederlands
- Zelfstandig-naamwoordsvorm in het Nederlands
- Woorden in het Duits
- Werkwoord in het Duits