bestellen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- be·stel·len
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| bestellen |
bestelde |
besteld |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
bestellen
- (overgankelijk) afspreken dat goederen of diensten geleverd zullen worden
- Kan ik twee pizza's bestellen?
- (overgankelijk) bespreken, reserveren
- (overgankelijk) aan huis bezorgen
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. afspreken dat goederen of diensten geleverd zullen worden
Zelfstandig naamwoord
bestellen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord bestel
Duits
Werkwoord
bestellen