herstellen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • her·stel·len
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
herstellen
herstelde
hersteld
zwak -d volledig

Werkwoord

herstellen

  1. (overgankelijk) terug werkend krijgen, repareren
    Kun je de wasmachine nog herstellen?
  2. (ergatief) er terug bovenop geraken, weer beter worden
    Hij herstelt goed van de operatie.
  3. weer invoeren
    De dienstplicht herstellen.
  4. (wederkerend) zich ~: weer in de vorige toestand terugkeren
  5. (wederkerend) zich ~: zijn zelfbeheersing terugkrijgen
Vertalingen
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl


Duits

Uitspraak
  • IPA: /ˈheːɐ̯ˌʃtɛln̩/, (duidelijk uitgesproken) /ˈheːɐ̯ˌʃtɛlən/
Woordafbreking
  • her·stel·len
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
herstellen
/ˈheːɐ̯ˌʃtɛln̩/
stellte her
/ˌʃtɛltə ˈheːɐ̯/
hergestellt
/ˈheːɐ̯gəˌʃtɛlt/
volledig
Woordherkomst en -opbouw
  • Samenstelling van het voorvoegsel her- en het werkwoord stellen; sinds de zestiende eeuw alleen in de zin van "hier op deze plaats zetten" bekend; de zin van "vervaardigen, voortbrengen, creëren" kwam pas omstreeks 1900 door een verkorting van het werkwoord wiederherstellen in de zin van "herinrichten, repareren".

Werkwoord

herstellen

  1. (overgankelijk) iets beroepsmatig onder draaiende productie aanmaken; vervaardigen, fabriceren, produceren, maken
    «Man kann beispielsweise etwas maschinell, von Hand oder synthetisch herstellen
    Men kan bijvoorbeeld iets machinaal, handmatig of synthetisch produceren/vervaardigen/maken.
    «Autos werden serienmäßig hergestellt
    Auto's worden seriematig geproduceerd/vervaardigd/gemaakt.
    «In Zeiten der globalisierten Marktwirtschaft ist es billiger seine Produkte im Ausland herstellen zu lassen.»
    In de tijden van de globaliseerde markteconomie is het goedkoper om de producten in het buitenland te laten produceren/vervaardigen/maken.
    «Kleine Traditionsbetriebe stellen ihre Produkte noch in liebevoller Handarbeit her
    Kleine traditiebedrijven verwaardigen hun producten nog met liefdevol handwerk.
  2. (overgankelijk) door bepaalde inspanningen tot stand brengen, terechtbrengen; creëren, maken
    «Könnten Sie eine telefonische Verbindung herstellen
    Konden zij een telefonische verbinding maken/krijgen?
    «Sofort nach (der) Ankunft im Krisengebiet, stellte der Journalist erste Kontakte zu seinen Verbindungspersonen her
    Direct na aankomst in het crisisgebied nam de journalist de eerste contacten op met zijn contactpersonen.
    «Man sollte eine Verbindung zwischen der Insel und dem Festland herstellen
    Men zou één verbinding tussen het eiland en het vasteland moeten maken/creëren.
    «Sie waren im Job bemüht ein gutes, kollegiales Verhältnis herzustellen
    Zij deden hun best om op het werk een goede, collegiale relatie tot stand te brengen.
    «Nach ein paar Tagen der Aufruhr und des Tumults waren endlich Ruhe und Ordnung hergestellt
    Naar enkele dagen van oproer en opstootjes waren rust en orde eindelijk hersteld.
  3. (wederkerend) tot stand gebracht, terechtgebracht worden.
    «Ein so gutes Verhältnis wie früher stellte sich nicht mehr her
    Een zo goede verhouding als vroeger werd niet meer tot stand gebracht.
  4. (overgankelijk) in de oorspronkelijk goede staat of toestand terugplaatsen; genezen, repareren
    «Die Kranken in diesem afghanischen Krankenhaus waren so weit hergestellt, dass sie wieder aufstehen konnten.»
    De zieken in dit Afghaanse ziekenhuis waren zo ver genezen dat zij weer konden opstaan.
  5. (overgankelijk) in de nabijheid van de sprekende persoon plaatsen of neerzetten.
    «Bist du bitte so gut und stellst den Koffer her
    Wees alsjeblieft zo aardig en zet de koffer hier neer!
Gelijkklinkende woorden
Synoniemen
Antoniemen
Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Afkorting