put

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • put
enkelvoud meervoud
naamwoord put putten
verkleinwoord putje putjes

Zelfstandig naamwoord

put m

  1. een pijpvormige uitholling in een oppervlak
    Hij was in een put gevallen en brak zijn been.
Vertalingen

Meer informatie

Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen