jager

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ja·ger
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord jager jagers
verkleinwoord jagertje jagertjes

Zelfstandig naamwoord

jager m

  1. (beroep) iemand die op jacht gaat
  2. (militair) vliegtuig dat vooral bedoeld is om vijandelijke vliegtuigen en luchtafweer uit te schakelen
  3. (militair) type schip van de marine
  4. (militair) infanteriesoldaat van een jagerbataljon
  5. (vogels) een roofmeeuw, een vogel behorende tot de Stercorariidae op Wikispecies
  6. (scheepvaart) driehoekig zeil vooraan
Synoniemen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen