folk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: fólkvolk


Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • folk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord folk -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

folk m

  1. (muziek) muziekstijl gebaseerd op de volksmuziek van de Britse Eilanden en Noord-Amerika
    • Dat de liederen van Rowwen Hèze mensen raken heeft meerdere oorzaken. (…) Eén kracht achter hun succes is natuurlijk het muzikale aspect. De ooit gedurfde en inmiddels breed gewaardeerde mix van folk, tex-mex, polka, rock en zelfs fanfareklanken geven de band een eigen karakter. [1]


Gangbaarheid

69 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • folk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse zelfstandige naamwoord folk
Naar frequentie 160
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   folk     folket     folk     folka
folkene  
genitief   folks     folkets     folks     folkas
folkenes  

Zelfstandig naamwoord

folk o

  1. bevolking, natie, volk, de bewoners en bewoonsters van een land, de inwoners en inwoonsters van een land
  2. algemeenheid, gemeenschap
  3. beroepsgroep, stand
  4. gasten, mensen, personen
Uitdrukkingen en gezegden
  • [1]: det italienske folk
het Italiaanse volk

Zelfstandig naamwoord

folk, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van folk


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • folk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Oudnoorse zelfstandige naamwoord folk
  enkelvoud meervoud
onbepaald bepaald onbepaald bepaald
nominatief   folk     folket     folk     folka  

Zelfstandig naamwoord

folk o

  1. bevolking, natie, volk, de bewoners en bewoonsters van een land, de inwoners en inwoonsters van een land
  2. algemeenheid, gemeenschap
  3. beroepsgroep, stand
  4. gasten, mensen, personen
Typische woordcombinaties
  • [1]: det spanske folk
het Spaanse volk
  • [1]: eit lite folk
een klein volk

Zelfstandig naamwoord

folk, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van folk