pinda

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
[1], [2] Pinda's.

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pin·da
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Papiaments, in de betekenis van ‘olienootje’ voor het eerst aangetroffen in 1740 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord pinda pinda's
verkleinwoord pindaatje pindaatjes

Zelfstandig naamwoord

pinda v/m

  1. (plantkunde) Arachis hypogaea op Wikispecies, een tot de vlinderbloemenfamilie behorende plant
  2. (voeding) een vrucht van deze plant
  3. (scheldwoord) Chinees of iemand met Aziatisch uiterlijk
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen