peulvrucht

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • peul·vrucht
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord peulvrucht peulvruchten
verkleinwoord peulvruchtje peulvruchtjes

Zelfstandig naamwoord

peulvrucht v/m

  1. (groente) een vrucht die bestaat uit één vruchtblad en die bij rijpheid opengaat aan beide zijden
    • Van een peulvrucht worden vaak de zaden gebruikt. 
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie