peper
Uiterlijk
- pe·per
- Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘specerij’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1220 [1] [2]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | peper | pepers |
| verkleinwoord | pepertje | pepertjes |
de peper m
- (specerij) (witte, grijze, zwarte) gemalen korrels (gedroogde bessen) van Piper nigrum
met een scherpe, hete smaak - (specerij) rode, Spaanse ~: een vrucht van een plant uit het geslacht Capsicum
met een hete smaak
- andesbespeper, anijspeper, bespeper, bloempeper, boompeper, cayennepeper, cubebepeper, chilipeper, ganzenpeper, habanero-peper, habaneropeper, hazenpeper, inpeperen, jamaica-peper, jamaicapeper, luizenpeper, madame-jeanettepeper, monnikenpeper, reepeper, sierpeper, sjalotjespeper, Spaanse peper, staartpeper, steelpeper, tabascopeper, wildpeper
- peperboompje, peperkers, pepermunt, rood peperboompje, zwart peperboompje
- peper in, peper-en-zoutvlinder, peperachtig, peperappel, peperazijn, peperbaal, peperbast, peperbes, peperbloem, peperbol, peperboleet, peperboom, peperbuks, peperbus, pepercultuur, peperdroog, peperduur, peperen, pepergas, pepergewas, pepergeweer, peperhandel, peperhout, peperhuis, peperig, peperkathaai, peperklauwier, peperkoek, peperkorrel, peperkous, peperkruid, Peperkust, peperland, peperlap, peperling, peperloog, pepermolen, pepernevel, pepernoot, peperolie, peperoogst, peperpakhuis, peperplant, peperplantage, peperpot, peperrank, peperreuk, peperroom, peperroomsaus, pepersaus, pepersmaak, pepersnipper, pepersoort, peperspray, peperspuitbus, pepersteak, peperstof, peperstruik, pepertinctuur, pepertuin, pepervaatje, pepervat, pepervlek, pepervogel, pepervreter, pepervrucht, pepervuur, peperwater, peperwortel, peperzak, peperzwam
- Peperduur
Erg duur, lett: zo duur als peper. In de middeleeuwen was peper ontzettend duur.
1. een specerij van gemalen peperkorrels met een scherpe, hete smaak
| vervoeging van |
|---|
| peperen |
peper
- Het woord peper staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "peper" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 99 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- [1] peper op Wikidata

- ↑ "peper" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
- ↑ peper op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 5
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Specerij in het Nederlands
- Werkwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 99 %

