Naar inhoud springen

attend

Uit WikiWoordenboek
  • at·tend
vervoeging van: atten
verbogen vorm: attende

attend

  1. onvoltooid deelwoord van atten


  • at·tend
  • Afkomstig van het Middelfranse "attaquer".
vervoeging
onbepaalde wijs to  attend 
he/she/it  attends 
verleden tijd  attended 
voltooid
deelwoord
 attended 
onvoltooid
deelwoord
 attending 
gebiedende wijs  attend 

attend

  1. overgankelijk aanwezig zijn, bijwoonen, gaan naar
    «He attended Pleasant Hill School in the Town of Centerville.»
    Hij ging naar Pleasant High School in Centerville.
  2. onovergankelijk bekijken, gadeslaan, gewaarworden, merken, observeren, signaleren, voelen, waarnemen, zien
  3. onovergankelijk aandachtig luisteren, opletten, toeluisteren
  4. opdagen, opduiken, opkomen, verschijnen
  5. assisteren, bijspringen, bijstaan, helpen, ondersteunen, seconderen, weldoen


vervoeging van
attendre

attend

  1. derde persoon enkelvoud onvoltooid tegenwoordige tijd (indicatif présent) van attendre