tabak

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Nicotiana tabacum
Uitspraak
Woordafbreking
  • ta·bak
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord tabak tabakken
verkleinwoord tabakje tabakjes

Zelfstandig naamwoord

tabak m

  1. genotsmiddel afkomstig van de bladeren van de tabaksplant, Nicotiana tabacum op Wikispecies, dat wordt gerookt, gekauwd en gesnoven
    • in de meeste landen is tabak verantwoordelijk voor 30% van alle kwaadaardige tumoren [2] 
Uitdrukkingen en gezegden
  • ergens tabak van krijgen
ergens genoeg van hebben en niet willen dat het doorgaat
  • Het wordt echter steeds moeilijker de spade te hanteren in de schuttersput. Plotseling krijg ik er tabak van. Met enige houterige acrobatiek - je bent zo jong als je je voelt - slaag ik erin te ontsnappen. [3]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl
  2. www.tegenkanker.be
  3. Valens, Anton Het compostcirculatieplan 2016 ISBN 978-90-254-4685-7 pagina 13


Limburgs

Uitspraak
  • IPA: /tɐˈbɑk/ (Etsbergs)

Zelfstandig naamwoord

tabak o

  1. tabak
Verbuiging



Tagalog

Zelfstandig naamwoord

tabak

  1. zwaard
  2. snijwond


Turks

Woordafbreking
  • ta·bak
enkelvoud meervoud
nominatief   tabak     tabaklar  
genitief   tabağın     tabakların  
datief   tabağa     tabaklara  
accusatief   tabağı     tabakları  
locatief   tabakta     tabaklarda  
ablatief   tabaktan     tabaklardan  

Zelfstandig naamwoord

tabak

  1. bord, schotel, schaal (eetgerei)