helder

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hel·der
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen helder helderder helderst
verbogen heldere helderdere helderste
partitief helders helderders -

Bijvoeglijk naamwoord

helder

  1. klaar, doorzichtig
    de vloeistof was volkomen helder
  2. duidelijk en zuiver
    de weergave van de geluidsinstallatie was prachtig helder
  3. met sterke glans
    Zij werden verrast door een helder licht
  4. niet met wolken bedekt, onbewolkt
    de lucht was helder
  5. getuigend van inzicht
    Hij had het helder voor ogen
  6. duidelijk
  7. schoon, proper
    Zij is een echte heldere Neel
Verwante begrippen
Vertalingen


Noors

Woordafbreking
  • hel·der

Werkwoord

helder

  1. tegenwoordige tijd van helde

Zelfstandig naamwoord

helder, mv

  1. onbepaalde vorm nominatief meervoud van helde


Nynorsk

Woordafbreking
  • hel·der

Werkwoord

helder

  1. (bijvorm) tegenwoordige tijd van halde
Schrijfwijzen