haul

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
Woordafbreking
  • haul
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig van het Middelengelse woord "halen".
vervoeging
onbepaalde wijs to haul
he/she/it hauls
verleden tijd hauled
voltooid
deelwoord
hauled
onvoltooid
deelwoord
hauling
gebiedende wijs haul

Werkwoord

haul

  1. (onovergankelijk) iemand of iets slepen
  2. (overgankelijk) slepen
  3. (onovergankelijk) iemand of iets trekken
  4. (overgankelijk) trekken
  5. (overgankelijk), (juridisch) oppakken
  6. (overgankelijk), (juridisch) voorleiden
  7. (overgankelijk), (mijnbouw) delven
  8. (onovergankelijk), (scheepvaart) de koers van een vaartuig veranderen om dichter bij de wind te zeilen
  9. (onovergankelijk), (scheepvaart) treilen
  10. (onovergankelijk), (verkeer) transporteren
Synoniemen
Afgeleide begrippen
enkelvoud meervoud
haul hauls

Zelfstandig naamwoord

haul

  1. buit
  2. opbrengst
  3. rooftocht
  4. (visserij) vangst
  5. (verkeer) goederenvervoer
  6. (verkeer) wagenvracht
  7. (verkeer) weglengte


Welsh

enkelvoud meervoud
haul heuliau

Zelfstandig naamwoord

haul m

  1. zon