visserij
Uiterlijk
- vis·se·rij
- Naamwoord van handeling van vissen met het achtervoegsel -erij of afgeleid van visser met het achtervoegsel -ij
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | visserij | visserijen |
| verkleinwoord | - | - |
de visserij v
- het vangen van vis of andere organismen (weekdieren, schaaldieren, schelpdieren, zoogdieren, algen, zeewier) uit het water, al of niet als broodwinning
- In de visserij wordt al geëxperimenteerd met het gebruik van pingers.[1]
- ▸ Koraalriffen zijn van levensbelang voor het leven in de oceanen en daardoor ook voor de mensheid. 25 procent van het zeeleven leeft in en rond koraalriffen. Ze zijn van belang voor de visserij, toerisme en bescherming van kustlijnen tegen erosie en stormen. Het is nog onduidelijk of en wanneer het huidige proces van verbleking stopt.[2]
|
|
|
|
1. het vangen van vis, al of niet als broodwinning
- Het woord visserij staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "visserij" herkend door:
| 99 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ Bruinvis weet Hollandse Noordzee weer te vinden, Trouw, 16 juli 2013
- ↑
Weblink bron “Meer dan 80 procent van koraalriffen lijdt onder hittestress, mogelijk onherstelbaar” (23 april 2025), NOS - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Achtervoegsel -erij in het Nederlands
- Achtervoegsel -ij in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %