gierst

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Panicum miliaceum
Woordafbreking
  • gierst
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het ?, in de betekenis van ‘graangewas’ voor het eerst aangetroffen in 1577 [1]
  • [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord gierst
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

gierst v/m

  1. (plantkunde) graan van het geslacht Panicum
  2. (voeding) Panicum miliaceum op Wikispecies soort graan met fijne korrels, vooral in Azië en Afrika verbouwd
Synoniemen

2. pluimgierst, gele gierst, goudgierst

Hyperoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

84 % van de Nederlanders;
77 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen