elektron

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: elektrum

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • elek·tron
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord elektron elektronen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

elektron o

  1. (natuurkunde), (scheikunde) (elektrotechniek) (elektronica) één van de buiten de kern van het atoom gelegen elementaire deeltjes, het lichtste deeltje met een elektrische negatieve lading
    • De elektronen kunnen lading doorgeven. 
  2. (metallurgie) witte magnesiumlegering met aluminium, zink, koper, mangaan en silicium, lichter dan aluminium
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

96 % van de Nederlanders
95 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen



Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord elektron elektrone

Zelfstandig naamwoord

elektron

  1. (natuurkunde), (scheikunde) elektron


Tsjechisch

Uitspraak
  • IPA: /ɛlɛktrɔn/
Woordafbreking
  • elek·t·ron
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het Engelse woord electron

Zelfstandig naamwoord

elektron m onbezield

  1. (natuurkunde) (scheikunde) (elektrotechniek) (elektronica) elektron
  2. (metallurgie) elektron; een witte magnesiumlegering, lichter dan aluminium.
Verbuiging
Afkorting
  1. (afkorting) e
  2. -
Hyperoniemen
  1. elementární částice v
  2. slitina v
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
Verwante begrippen

Meer informatie

Verwijzingen


Turks

Woordafbreking
  • elekt·ron
enkelvoud meervoud
nominatief   elektron     elektronlar  
genitief   elektronun     elektronların  
datief   elektrona     elektronlara  
accusatief   elektronu     elektronları  
locatief   elektronda     elektronlarda  
ablatief   elektrondan     elektronlardan  

Zelfstandig naamwoord

elektron

  1. (natuurkunde) (scheikunde) elektron