cep

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Middelengels

Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het Angelsaksische cæppe

Zelfstandig naamwoord

cep

  1. pet, hoed
Schrijfwijzen


Nedersorbisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • cep

Zelfstandig naamwoord

cep

  1. genitief van cepy
Synoniemen


Pools

Uitspraak
Woordafbreking
  • cep
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het Proto-Slavische *cěpъ

Zelfstandig naamwoord

cep monbezield

  1. (landbouw) dorsvlegel; een houten landbouwwerktuig om graan te dorsen

Meer informatie


Slowaaks

Uitspraak
Woordafbreking
  • cep
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het Proto-Slavische *cěpъ

Zelfstandig naamwoord

cep m

  1. (landbouw) dorsvlegel; een houten landbouwwerktuig om graan te dorsen
Afgeleide begrippen
Anagrammen


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • cep
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het Proto-Slavische *cěpъ

Zelfstandig naamwoord

cep monbezield

  1. (landbouw) dorsvlegel; een houten landbouwwerktuig om graan te dorsen
Verbuiging
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Anagrammen
Paroniemen

Meer informatie

Verwijzingen


Turks

Woordafbreking
  • cep
enkelvoud meervoud
nominatief   cep     cepler  
genitief   cebin     ceplerin  
datief   cebe     ceplere  
accusatief   cebi     cepleri  
locatief   cepte     ceplerde  
ablatief   cepten     ceplerden  

Zelfstandig naamwoord

cep

  1. zak (deel van een kledingstuk)
  2. mobiel, mobieltje, gsm
Synoniemen