plan

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • plan
1, 2, 3, 5 enkelvoud meervoud
naamwoord plan plannen
verkleinwoord plannetje plannetjes
4 enkelvoud meervoud
naamwoord plan -
verkleinwoord - -
6 enkelvoud meervoud
naamwoord plan plans
verkleinwoord plannetje plannetjes

Zelfstandig naamwoord

plan o

  1. een voorgenomen handelswijze
    Dat is een goed plan, zeg!
  2. een idee van iets dat men wil gaan doen
    Hij is een plan aan het beramen.
  3. een ontwerp voor een ruimtelijke of economische ordening
    We gingen met z'n allen een plan ontwerpen.
  4. niveau
    Hij ging het op een hoger plan brengen.
  5. de perspectiefverdeling van een schilderij of vergezicht
  6. plattegrond
    Heb jij een plan bij je?
Afgeleide begrippen

Werkwoord

vervoeging van
plannen

plan

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plannen
    Ik plan.
  2. gebiedende wijs van plannen
    Plan!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van plannen
    Plan je?

Meer informatie


Engels

Zelfstandig naamwoord

plan

  1. tekening


Frans

Zelfstandig naamwoord

plan m

  1. tekening


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • plan
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Duits.

Bijvoeglijk naamwoord

plan

  1. vlak, pas, plat
  2. waterpas, horizontaal
    «Gulvet er ikke helt plant
    De vloer is niet helemaal plat.
Verbuiging
Synoniemen
Antoniemen

Zelfstandig naamwoord

[A] plan m

  1. plattegrond, schets
  2. plan, opzet, ontwerp
    «Huset ble bygd etter planen
    Het huis werd gebouwd volgens het plan.
Verbuiging
Afgeleide begrippen

Zelfstandig naamwoord

[B] plan o

  1. (horizontaal) vlakte
  2. plan, niveau
    «Diskusjonen lå på et høyt plan
    De discussie was op een hoog niveau.
Verbuiging
Afgeleide begrippen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • plan
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Duits.

Bijvoeglijk naamwoord

plan

  1. vlak, pas, plat
  2. waterpas, horizontaal
    «Golvet er ikkje plant
    De vloer is niet plat.
Verbuiging
Synoniemen
Antoniemen

Zelfstandig naamwoord

[A] plan m

  1. plattegrond, schets
  2. plan, opzet, ontwerp
    «Han har planar om å bli prest.»
    Hij heeft plannen om priester te worden.
Verbuiging
Afgeleide begrippen

Zelfstandig naamwoord

[B] plan o

  1. (horizontaal) vlakte
  2. plan, niveau, verdieping
    «Romma ligg i same planet
    De kamers liggen op dezelfde verdieping.
Verbuiging
Afgeleide begrippen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen