strekking
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- strek·king
Woordherkomst en -opbouw
- Naamwoord van handeling van strekken met het achtervoegsel -ing
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | strekking | strekkingen |
| verkleinwoord | strekkinkje | strekkinkjes |
Zelfstandig naamwoord
strekking v
- het gebied waarover het zich uitstrekt, bedoeling, betekenis, teneur.
- beloop, richting
- (geologie) richting van een geologische laag zijnde de hoek tussen het noorden en de snijlijn met het horizontale vlak
Verwante begrippen
- doel, intentie, moraal, neiging, plan, stemming, stroming, tendens, tendentie, toeleg, trend, voornemen, zin
Vertalingen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.