gemeente
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: gemeente
- IPA:
- (Nederland) /ɣəˈmeɪntə/
- (Vlaanderen) /ʝəˈmentə/
Lettergrepen
- ge·meen·te
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | gemeente | gemeentes gemeenten |
| verkleinwoord | gemeentetje | gemeentetjes |
Zelfstandig naamwoord
de gemeente v
- bestuurlijke eenheid in een staat, onder bestuur van een raad, een burgemeester en wethouders of schepenen
- In zijn eigen gemeente is de burgemeester uitzonderlijk populair.
- de gezamenlijke gelovigen van een bepaald kerkgenootschap of in een bepaalde kerk bijeen
- De pastoor deed zijn uiterste best om aan de behoeften van zijn gemeente te voldoen.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
1. bestuurlijke eenheid
2. gezamenlijke gelovigen
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.

