gemeentelijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- ge·meen·te·lijk
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | |
|---|---|
| onverbogen | gemeentelijk |
| verbogen | gemeentelijke |
Bijvoeglijk naamwoord
gemeentelijk
- de gemeente betreffend