staat

Uit WikiWoordenboek

Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • staat
[1] enkelvoud meervoud
naamwoord staat staten
verkleinwoord staatje staatjes
[2] enkelvoud meervoud
naamwoord staat -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

staat

  1. een land.
  2. een toestand.
Vertalingen
Afgeleide begrippen

Meer informatie

Werkwoord

staat

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan.
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan.
  3. verouderde gebiedende wijs van staan.
Persoonlijke instellingen