staat

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • staat
[A1] enkelvoud meervoud
naamwoord staat staten
verkleinwoord staatje staatjes

Zelfstandig naamwoord

[A] staat m

  1. een land
    De Verenigde Staten zijn de machtigste staat ter wereld.
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Meer informatie

[B] enkelvoud meervoud
naamwoord staat -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

[B] staat m

  1. een toestand
    De staat van dienst van premier Van Rompuy is onberispelijk.
Verwante begrippen
Uitdrukkingen en gezegden
  • de staat opmaken
  • de staat van dienst
  • in goede staat verkeren
  • in goede staat zijn
  • in goede staat verkeren
  • in staat stellen
  • in staat van
  • in staat zijn
  • in verregaande staat van ontbinding

Werkwoord

staat

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan
    Het stoplicht staat op rood.
  3. verouderde gebiedende wijs van staan
Uitdrukkingen en gezegden
  • [2]: De deur staat op een kiertje.
  • [2]: De telefoon staat roodgloeiend.
  • [2]: Iets staat hoog in het vaandel.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen