zus

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • zus
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord zus zussen
verkleinwoord zusje zusjes

Zelfstandig naamwoord

zus v

  1. (familie) een ander kind van dezelfde ouders van het vrouwelijk geslacht [2]
    Ik heb twee zussen en een broer.
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Vertalingen
Woordherkomst en -opbouw

Bijwoord

zus [4] [5]

  1. zo, op zulke wijze [6]
Vertalingen

Meer informatie

Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. Woordenboek der Nederlandse taal
  3. etymologiebank.nl
  4. Woordenboek der Nederlandse taal
  5. Woordenboek der Nederlandse taal
  6. Woordenboek der Nederlandse taal