mooi

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mooi
Woordherkomst en -opbouw
  • afkomstig van:
Middelnederlands: moy, mooy
Oudnederlands: mōi
Germaans: *mawjaz (schoon, gewast)
Indo-Europees: *mou-io- (gewast)
  • Verwant in Germaans:
Fries: moai
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen mooi mooier mooist
verbogen mooie mooiere mooiste
partitief moois mooiers -

Bijvoeglijk naamwoord

mooi

  1. (Noord-Nederland) prettig in voorkomen, aangenaam om naar te kijken, schoon.
    Ze heeft een erg mooi gezichtje.
  2. (Noord-Nederland) prettig, aangenaam.
    Het is mooi weer vandaag.
  3. (Noord-Nederland) (ironisch) onaangenaam, te ver gaand.
    Nou wordt 'ie mooi!
Uitdrukkingen en gezegden
  • er zit een mooie tijd aan te komen
Vertalingen