kikker

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken
[1]: Een kikker
[2]: Een kikker met een touw

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kik·ker
Woordherkomst en -opbouw
  • [1]: Een onomatopee van het geluid dat het dier maakt
  • [2]: Naar de vorm van [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord kikker kikkers
verkleinwoord kikkertje kikkertjes

Zelfstandig naamwoord

kikker m

  1. (amfibieën) gewerveld dier dat vier poten heeft maar geen staart
    • De kikker gelijkt op de pad, maar is wel degelijk een ander dier. 
  2. (scheepvaart), (molenaarsambacht) een dubbele haak ter bevestiging van een touw
Synoniemen
  • [1]: (schrijftaal, Oost-Brabants, Noord-Limburgs, Zuid-Gelders) kikvors
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord kikker kikkers

Zelfstandig naamwoord

kikker

  1. (amfibieën) kikker


Noors

Woordafbreking
  • kik·ker
Naar frequentie 4716
  1. bekritiseren, klagen

Werkwoord

kikker

  1. tegenwoordige tijd van kikke
  2. vluchtig kijken

Werkwoord

kikker

  1. tegenwoordige tijd van kikke
Schrijfwijzen