dikkopje
Uiterlijk
- dik·kop·je
| [2]-[4] | enkelvoud | meervoud |
|---|---|---|
| naamwoord | (dikkop) * | (dikkoppen) * |
| verkleinwoord | dikkopje | dikkopjes |
het dikkopje o
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord dikkop
- (kikkers) larve van een kikvorsachtige of salamander
- (vlinders) meerdere dagvlindersoorten uit de familie Hesperiidae
met een behaarde motachtig lichaam, haakvormige voelsprieten en een schietend vluchtpatroon, van wie de meesten bruin met witte of oranje vlekken zijn - alleen verkleinwoord (straalvinnigen) Pomatoschistus minutus
langs de kust bewonende grondelsoort, gekenmerkt door de meer dan 60 schubben in de zijlijn en een variabele kleuring, waardoor hij bijna onzichtbaar is in de zanderige getijdenpoelen die hij vaak bezoekt, leeft voornamelijk van kleine schaaldieren
- 2. Een veel voorkomend dikkopje is het zwartsprietdikkopje, Thymelicus lineola.
- 3. Het dikkopje, Pomatoschistus minutus
- [2] dikkop, kikkervisje
- [2], [3] Voor de larven van amfibieën en voor vlindersoorten is dit verkleinwoord is meer gangbaar dan dikkop.
- [3] aambeeldspikkeldikkopje, alpenspikkeldikkopje, andoorndikkopje, bergspikkeldikkopje, bont dikkopje, borbodikkopje, Bretons spikkeldikkopje, bruin dikkopje, Corsicaans kalkgraslanddikkopje, donker spikkeldikkopje, dwergdikkopje, Frans spikkeldikkopje, geelbandspikkeldikkopje, geelbont dikkopje, geelsprietdikkopje, gierstdikkopje, groot brandkruiddikkopje, groot dikkopje, groot kustdikkopje, groot spikkeldikkopje, groot windedikkopje, kaasjeskruiddikkopje, kalkgraslanddikkopje, klein brandkruiddikkopje, klein kustdikkopje, malrovedikkopje, mozaïekdikkopje, noords spikkeldikkopje, oostelijk andoorndikkopje, oostelijk kalkgraslanddikkopje, pluimdikkopje, rood spikkeldikkopje, spiegeldikkopje, Turks geelsprietdikkopje, Turks spikkeldikkopje, voorjaarsspikkeldikkopje, westelijk spikkeldikkopje, witgezoomd spikkeldikkopje, woestijndikkopje, zwartbruin dikkopje, zwartsprietdikkopje
3. kleine bruine motachtige dagvlindersoorten met een snelle schietvlucht
- Het woord dikkopje staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "dikkopje" herkend door:
| 93 % | van de Nederlanders; |
| 98 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -je in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Kikkers in het Nederlands
- Amfibieën in het Nederlands
- Vlinders in het Nederlands
- Insecten in het Nederlands
- Betekenis alleen als verkleinwoord in het Nederlands
- Straalvinnigen in het Nederlands
- Vissen in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 93 %
- Prevalentie Vlaanderen 98 %