Naar inhoud springen

aba

Uit WikiWoordenboek

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aba
Woordherkomst en -opbouw
  • uit het Engels [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord aba aba's
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

de abam

  1. afkorting van algemene bacheloropleiding

de abav / m

  1. een grove wollenstof

Gangbaarheid

Meer informatie


Atayal

Zelfstandig naamwoord

aba

  1. vader; mannelijke ouder
Synoniemen


Gotisch

Zelfstandig naamwoord

aba

  1. (palindroom) echtgenoot
Schrijfwijzen


Slowaaks

Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

aba v

  1. (kleding) aba
Synoniemen
Hyperoniemen

Meer informatie


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • a·ba
Woordherkomst en -opbouw

Zelfstandig naamwoord

aba v

  1. (kleding)(palindroom) aba
Verbuiging
Synoniemen
Hyperoniemen

Verwijzingen


Twi

Uitspraak

Zelfstandig naamwoord

aba

  1. zaad


Xhosa

persoon vnw. ondw. voorw. kl. vnw. ondw. voorw. kl.
eerste mna ndi- -ndi- thina si- -si-
tweede wena u- -ku- nian ni- -ni-
derde lo u- -m- 1 aba ba- -ba- 2
lo u- -wu- 3 le i- -yi- 4
eli li- -li- 5 la a- -wa- 6
esi si- -si- 7 ezi zi- -zi- 8
le i- -yi- 9 ezi zi- -zi- 10
olu lu- -lu- 11
obu bu- -bu- 14
oku ku- -ku- 15

Persoonlijk voornaamwoord

aba 2

  1. zij, deze