Naar inhoud springen

vlag

Uit WikiWoordenboek
  • vlag
enkelvoud meervoud
naamwoord vlag vlaggen
verkleinwoord vlaggetje
vlagje
vlaggetjes
vlagjes

de vlagv / m

  1. lap stof met een vast patroon van kleuren die gevoerd wordt als symbool van een organisatie, beweging of natie
    • De vlag hing toen in Nederland halfstok. 
vervoeging van
vlaggen

vlag

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vlaggen
    • Ik vlag. 
  2. gebiedende wijs van vlaggen
    • Vlag! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van vlaggen
    • Vlag je? 
99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[4]