Naar inhoud springen

rietje

Uit WikiWoordenboek
  • riet·je
  • afgeleid van  riet zn  met het achtervoegsel -je
[2] enkelvoud meervoud
naamwoord (riet) (rieten)
verkleinwoord rietje rietjes

hetrietjeo

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord riet: stukje riet
  2. alleen verkleinwoord (huishouden) dun drinkbuisje, pijpenstrootje
    • Veel klanten reageren enthousiast en vinden het een ‘superidee’. Een enkeling stelt nuchter dat veel drankjes ook zonder rietje te drinken zijn. Waarom geen metalen rietjes? vraagt een ander. Die zijn lastig schoon te maken en dat is niet zo hygiënisch, reageert de bakker. [1] 
98 %van de Nederlanders;
99 %van de Vlamingen.[2]
  1. Tubantia Ellen den Hollander 16-07-18 Dit ‘rietje’ kan McDonald's en het milieu redden
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be